Ontspullen week 4

Na het blog van 31 dagen ontspullen, is de uitdaging nu om op een eigentijdse manier vorm te geven aan het vasten. Vanaf 1 maart kun je op mij 40 dagen lang volgen op https://www.facebook.com/www.levenmetverhalen.nl/.

5/2 rust
Vier jaar geleden volgde ik een achtdaagse stilteretraite. Voor 8 dagen was ik even een fermate. Ik mocht stil staan en dan weer verder gaan. Als ik harp speel, heb ik moeite om in het ritme van de noten te blijven. Ik ga door in mijn eigen ritme. Dat is niet de bedoeling. Ik wil niet als solist door het leven gaan en ook met anderen samenspelen.

In het dagelijks leven denk en loop ik snel, in de muzikale wereld ben ik vaak net te langzaam. De fermate geeft ruimte om pas op de plaats te maken. Bij het spelen is dit het rustpunt of het aanhouden van de noot naar de overgang van een nieuw begin. Zo heb ik toen de retraite ook ervaren. De 31 dagen van ontspullen hebben een soortgelijke werking. Vandaag is het de laatste dag. Bijna 500 voorwerpen minder in ons huis. Het voelt goed. Er is rust gekomen in hoofd en huis. Meer stabiliteit die ik daadwerkelijk in mijn eigen lichaam voel. Een kracht om je rug recht te houden in een wereld van overdaad aan woorden en materie.  Een lieve manier om te onthechten en te waarderen. Er gaat een doos met 31 boeken weg; meest theologie en geschiedenis. Geleidelijk ging ik universele rijkdommen ontdekken, kreeg spiritualiteit een ruimere betekenis en vond ik rust door schrijven en meditatie.

Kijk ik naar het teken van de fermate, dan stel ik me voor dat ik een punt ben. Een mooi gaaf rondje met daaromheen lucht en ruimte om te zijn. Maar die ruimte is niet eindeloos en onbegrensd. Ergens boven is een ‘hemel’ die me beschermt tegen impulsen en prikkels rond om me heen. En die me op mijn plek zet en de rust geeft om op adem te komen; even te weten waar je mee bezig bent om daarna weer verder te gaan met een nieuwe uitdaging.

Soms is het goed om al schrijvend even stil te staan, zeker in de wereld waar chaos toeneemt. Dan geeft het rust om te reflecteren, afstand te nemen en dingen weer in perspectief te zetten. In mijn tuin zie ik veranderingen die wijzen naar de lente. Ontspullen in de winter heeft een eigen waarde. Juist nu bereidt het leven zich ondergronds voor op vernieuwing en uitbundige groei en bloei. Laat je door dat onzichtbare proces verrassen. Dank voor alle reacties. Een onverwacht cadeau. Ik ga genieten van mijn opgeruimde huis. Veertig dagen voor Pasen pak ik de draad van het schrijven weer op. Het thema wordt dan eigentijds vasten.

Erica Plomp-den Uyl

4/2 Op reis

Twee mensen zijn op reis met een bus. De een is druk met het bestuderen van kaarten en informeert bij de medepassagiers of de bus wel naar zijn bestemming gaat. De ander zit rustig in zijn stoel en geniet van wat binnen en buiten te zien is. De kaartenzoeker krijgt de genieter in het oog en denkt: dit is vast een bekende, die is hier vaker geweest. Later raken ze in gesprek en wat blijkt; hij is nooit eerder in deze streek geweest, maar hij heeft het volste vertrouwen in de reis en geniet van het onderweg zijn. De eerste reiziger is verbaasd. Hoe kan iemand zo onvoorbereid op weg gaan? Hij heeft alles goed voorbereid, hij heeft detailkaarten, een reisverzekering én een duidelijk doel. De voorbereiding was het halve werk en gaf veel voorpret. De andere reiziger doet het heel anders. Voor hem verhindert al die voorbereiding het genot onderweg. Dan verlies je alle spontaniteit en sta je niet open voor het toeval. Zijn motto is: de charme van een levensreis is het gewoon op weg gaan en je te laten verrassen waar je uitkomt.

Onverwachte uitdagingen horen bij ieders levensweg. Daar hoort voorbereiding bij; dat wat inhoud geeft aan je leven én het relaxed leven. Onderweg geef je die inhoud betekenis. Geen gestolde waarheden, maar vloeiend proces van zingeving. De 2 reizigers zijn elkaars tegenpolen, maar ze zijn ook elkaars aanvulling. Ik herken die twee kanten in mezelf. Het ontspullen begon met een plan waar ik serieus over de haalbaarheid heb nagedacht. Een vraag was ook of ik daar bij zou schrijven en het publiceren. Elke dag iets schrijven dat voor iedereen toegankelijk is, is toch anders dan zo af en toe een column in een tijdschrift of krant. Maar gaande weg voelde ik me als de genieter in de bus. Pas als mijn laptop opengaat, begint het schrijfproces. Soms heb ik vooraf iets in gedachte, maar meestal ontstaat het al schrijvend.

Het opruimen gaat net zo. Vandaag heb ik uit kasten en hoeken een hele verzameling spullen bij elkaar vergaard. Handdoeken, een damasten tafelkleed, wat kopjes, tijdschriften, gekregen badslippers nog in plastic, een paar sjaals en handschoenen, wat borstels en een rieten mand.  30 Artikelen die ik niet zal missen, maar die wel ruimte geven achter het schot en in de trapkast. Nog een dag te gaan. Want ook al is februari de benjamin van het jaar ik tel de dagen van de langste maand.

Erica Plomp-den Uyl

3/2 de slak

Vandaag wil ik mappen met lezingen en workshops uitzoeken met de bedoeling wat weg te doen. Het blijkt onbegonnen werk. Ik kom prachtige teksten tegen die ik kan gebruiken bij de retraiteweek die ik in juni ga geven. Het tegenovergestelde gebeurt. Ik berg ze op in de map retraite. De eerste map kost me 2 uur. Ik ga terug in de tijd. In 2005 geef ik op nationale vrouwendag een workshop voor een grote groep vrouwen in de Kurioskerk in Leeuwarden. Het thema is ”Jouw stem telt mee”. Het heeft weinig aan actualiteit verloren. Mijn openingszin was: Ieder mens kan woorden spreken die er toe doen en die het leven verheffen. De slotzin was: open je mond, maak je handen vrij, doorbreek het zwijgen en bundel je energie als beeld van God.

Is dat niet jammer als je iets maar één keer gebruikt? Nee, het gaat ergens in mij en met mij verder. Van het voorbereiden en het uitvoeren leer ik zelf het meest. Dat werkt als een nieuwe vertrouwde herscheppende kracht door in de nieuwe dingen die ik oppak. Mijn eigen stem mag een bron van stabiliteit zijn. En probeer ik het te doen in het tempo van de slak. Want ook haar gedicht zat in de map. Ik deel het graag. Er gaat geen cursusmateriaal weg. Dan maar een graai in een keukenkast. Binnen een paar minuten haal ik er zonder aarzeling 29 stuks aardewerk uit. Hoe meer je weg doet, hoe makkelijker het gaat. En nu de slak.

Leert van de slak, het traagste van alle dieren natuurlijk, ze is langzaam
en de deugd of de kunst van wendbaarheid is zeker niet haar sterkste zijde
als alle dieren allang zijn uitgebruld van het lachen
hoor je haar nog snotteren in haar huisje.

Ze lijkt geschapen op de allerlaatste scheppingsdag toen de Eeuwige moe werd
en na de mens nog een laatste restje met trage hand tot leven riep
maar weet je wat mens en dier vergeten de slak keert nooit terug naar huis
ze sjouwt haar sober woonverblijf altijd met zich mee
en hoeft daarom niet van huis te gaan om haar weg te vervolgen.

Met eindeloos geduld gaat ze haar weg
en bij nader inzien is haar traagheid veel meer een wel doordachte keuze
ze ziet en voelt de dingen al van verre en ze gaat er langzaam maar zeker op af
terwijl de vogels boven haar lijfelijk dak het heen en weer hebben
vanwege de kruimelzorg voor heden en morgen
kruipt zij maar verder met huis en haard en denkt:
kom ik er morgen niet dan overmorgen en anders ooit

en terwijl ze nauwelijks zichtbaar verder komt
laat ze een zilver spoor na voor de haastigen
die het doel zijn vergeten.

Erica Plomp-den Uyl

  2/2 klein is groot

Oog hebben voor het kleine levert verrassende ontdekkingen op. Het grote springt meer in het oog. Dat is met opruimen ook zo. Een tafel die uit de garage gaat, geeft ruimte. Net zoals een stapel kleren of boeken ruimte geeft die opvalt. Vandaag gaan er heel kleine bakjes weg. Amuse schaaltjes die ik ooit kocht om er piepkleine hapjes op te serveren voor een feestje met familie. Ieder kreeg 3 muizenhapjes om met de kleinste lepeltjes die in huis waren op te eten. Zo kwamen de advocaatlepels uit mijn cassette nog eens uit de la. Die lepels blijken al weg te zijn. Vandaag gaan er 28 amuseschaaltjes weg. De schoenendoos zit niet eens vol. Dat zegt iets over de afmeting van de schaaltjes of van mijn voeten.

Het meeste dat het huis uitgaat, is intensief gebruikt. Maar deze kleine bakjes kwamen niet vaak uit de kast. De reden is pragmatisch. Te veel werk om af te wassen en de vaatwasser is niet op hun komst berekend. Niet alles wat klein is, spreekt me aan. Te veel klein spul maakt onrustig. En toch wil ik juist door rust in hoofd en huis te creëren het kleine meer eren.

In een eerdere column ging het over stenen. De grote stenen stonden voor wat echt grote waarde heeft. Vandaag een pleidooi om juist wat klein is te waarderen. Dat staat niet haas op elkaar. Beiden zijn waar. Je kunt verwonderd zijn over iets kleins en over iets groot. Ik ervaar dat b.v. in muziek. Eén noot kan me net zo raken als een melodie. Hoe onbevangener je bent, hoe opener je zintuigen zijn, hoe meer kleine en grote levensparels je tegenkomt. En dat went nooit. En went het wel, dan is de kans groot dat je parels hun glans verliezen, omdat je én het kleine én het grote zo gewoon vindt.

Erica Plomp-den Uyl

1/2 Zachtmoedig

De lange maand januari is omgevlogen. Dat kan niet los staan van wat er in mijn lichaam en in de wereld gebeurde. Beide raakten uit balans. Het is spannend wat de kortste maand van het jaar gaat brengen. Persoonlijk is het evenwicht aardig hersteld. Ontspullen helpt me nieuwe stabiliteit te voelen. Tegelijk laat ik ook mijn stem horen over het grenzeloze en het opwerpen van grenzen. Vrijheid staat nooit los van een ander. Het gelaat van de ander doet een appel op mij en andersom. Gezien worden en aandacht voor elkaar is de basis van gezond samenleven. Dat snapt ieder die in een huis woont met meerdere personen. Heb je geen begrip voor elkaar dat kun je het wel schudden met de sfeer. Kun je nagaan wat de gevolgen op nationaal en mondiaal niveau zijn, als het ontbreekt aan oprechte aandacht en begrip. Eerlijk gezegd verwoordde onze premier dat wel erg simplistisch met zijn herhalingen van het woord ‘normaal’.

Ik doe liever een oproep voor zachtmoedigheid. Tegenover een samenleving die uit- en buitensluit, gaan mensen met deze kwaliteit voor het slechten van scheidsmuren. Vandaag zijn mensen die inclusief denken hard nodig. Wat een geluk als je zulke mensen tegenkomt als je op zoek bent naar een veilige plek om te leven.

Een leger huis geeft me tijd om na te denken over wat er echt toe doet. Het gaat steeds makkelijker. Je relativeert wat er in je klerenkast hangt. Dus vandaag haal ik de kratten met zomerkleding naar beneden en selecteer wat er weg kan: 27 stuks textiel. Want er hangen jasjes in mijn kast die ik al 2 jaar niet gedragen heb, maar waarvan ik het ‘zonde’ vind om ze weg te doen. Waarom kon ik niet eerder de stap zetten om het weg te geven aan iemand die het wel draagt? Zelfs delen van overvloed gaat blijkbaar niet zonder bewustzijn en spiritueel besef.

Erica Plomp-den Uyl

31/1 hier en nu

Leven in het hier en nu betekent niet in gedachten of in de praktijk bezig zijn met dingen voor morgen. Gisteren ging ik voor achten de deur uit en kwam na half elf weer binnen. Dan maak ik de keus om lekker op de bank van een glaasje wijn te genieten en bij te kletsen met manlief. Meestal zijn mijn werkdagen heel divers met uiteenlopende contacten en opdrachten. Dat is leuk, want wat ik ook doe, het is altijd direct verbonden met mensen van allerlei leeftijden. Van jonge tieners tot echte bejaarden. Wat hen bindt, is de veerkracht en het werken aan jezelf.

Leven gaat niet vanzelf. Leven wil geleefd worden. Dat vraagt er voor gaan en van het goede genieten. Dat vraagt ook de hoop niet te verliezen als het tegenzit. Na een lange mooie werkdag is er geen tijd om aan ontspullen te denken. Mijn computer kan wel een dag zonder mij, net als ik er zonder kan. Nu ga ik verder door 26 voorwerpen bij elkaar te zoeken die in de doos mogen. Er staat alweer een groot exemplaar te wachten. Wat zal er in gaan deze laatste dagen? Op hoeveel staat de teller eigenlijk? Het huis telt 317 spullen minder. Eerlijk gezegd zie je dat amper. Op 3 plekken is het zichtbaar; in mijn doosje met oorbellen, in een keukenkastje en in de glaskast.

Ja en ook wel in de boekenkast. Ik heb mijn boeken namelijk op kleur gezet. Wit op de bovenste rij planken, dan geel/oranje, rood en blauw gevolgd door groen en op de onderste planken staan de boeken zwarte kaften. Het staat super en geeft rust. Ik ben dik tevreden. Alleen verkeek ik me op een ding. De lage en hoge boeken staan nu naast elkaar en daarom kunnen er bijna geen liggende boeken op de staande. Eerder kon dat wel en zette ik met opzet de lage boeken naast elkaar en stapelde net zo lang tot er geen boek meer tussen paste. Er passen nu zo’n 50 boeken minder in de grote boekenwand. Weg doen? Nee, dat is te vroeg. Ze liggen nu onder mijn tafel op mijn werkkamer. Echt bevredigend is dat niet. Dus er zal toch iets gebeuren moeten. De laatste dag gaan er ook boeken weg. Die liggen al apart. Over ‘leven in het hier en nu’ gesproken! Maar vandaag? Ik kijk nog eens kritisch naar de boeken op zolder en mijn werkkamer. Dit is de week van de grote aantallen. Het is gelukt. 26 boeken voor kinderen en volwassenen gaan verhuizen. Ze komen vast goed terecht, net als die exegeseboeken die nog op marktplaats staan. En morgen? Dat zien we morgen wel. Het blijft een verrassing. Dat maakt het zo leuk.

Erica Plomp-den Uyl

 29/1 Liefde

Dat ik na mijn middelbare school MO Nederlands ging studeren, had te maken met mijn liefde voor taal. Door mijn pubertijd was ik extra gevoelig voor poëzie. Mijn lievelingsgedicht is: Voor wie dit leest van Leo Vroman. Vandaag kwam ik de laatste twee verzen weer tegen toen ik de Naardense Bijbel opensloeg. Met dit opschrift in je hoofd lees je de rest van de 1650 bladzijden. Remco Veldhuis trekt er mee langs de theaters in zijn productie: Lang verhaal kort. In precies 100 minuten neemt hij je mee langs de 66 boeken van de bibliotheek die bijbel heet. Afgelopen week was ik erbij in Zwolle. Een uitverkochte zaal met veel jongeren. Velthuis is onder de indruk van J.C. uit Nazareth. Al vertellend over die boeken komt hij ook zichzelf tegen. Ja, zo gaat dat met literatuur. Het is een spiegel en laat je niet los nadat je het uit hebt. Misschien omdat, ondanks geweld dat je er in tegenkomt, liefde zo’n grote rol speelt in die boeken én het leven van de hoofdrolspeler uit het N.T. Sommige teksten gaan een leven lang mee. Dat geldt voor verhalen uit de Joodse geloofswereld, maar ook voor dit lied van eind jaren veertig. Wat een rijkdom als je weet dat er van je gehouden wordt.

Het is bijna oneerbiedig om nu te vertellen wat er weggaat. Gewoon alle sportpostzegels; 24 x 15 stuks. Dat schiet op, al zal de tafel ook de komende week nog vol postzegels liggen die een nieuwe bestemming zoeken.

Gedrukte letters laat ik U hier kijken,
maar met mijn warme mond kan ik niet spreken,
mijn hete hand uit dit papier niet steken;
wat kan ik doen? Ik kan U niet bereiken.

O, als ik troosten kon, dan kon ik wenen.
Kom, leg Uw hand op dit papier; mijn huid;
verzacht het vreemde door de druk verstenen
van het geschreven woord, of spreek het uit.

Menige verzen heb ik al geschreven,
ben menigeen een vreemdeling gebleven
en wien ik griefde weet ik niets te geven:
liefde is het enige.

Liefde is het meestal ook geweest
die mij het potlood in de hand bewoog
tot ik mij slapende vooroverboog
over de woorden die Gij wakkerleest.

Ik zou wel onder deze bladzij willen zijn
en door de letters heen van dit gedicht
kijken in uw lezende gezicht
en hunkeren naar het smelten van Uw pijn.

Doe deze woorden niet vergeefs ontwaken,
zij kunnen zich hun naaktheid niet vergeven;
en laat Uw blik hun innigste niet raken
tenzij Gij door de liefde zijt gedreven.

Lees dit dan als een lang verwachte brief,
en wees gerust, en vrees niet de gedachte
dat U door deze woorden werd gekust:
Ik heb je zo lief.

Erica Plomp-den Uyl

 

28/1 Geen zin

Vanmiddag weer een grote verhuisdoos naar de kringloop gebracht. Voor vandaag gingen er 12 glazen schaaltjes in, een stoel en tafeltje, 4 bloempotten en nog 6 cd’s die in de auto lagen en nooit meer beluisterd worden. Samen 24 stuks. Dat is de deal. Daarna nog even winkelen en leuke kleren voor Gert gekocht. Het moet ook niet te leeg worden en ik kijk graag naar wat moois. Zittend aan de grote tafel met een bak koffie, een stuk taart en een boek, denk ik heerlijk, er hoeft niets meer vandaag. Totdat me te binnen schiet dat ik nog niet heb geschreven. Wat zal ik doen? Naar mijn werkkamer gaan of beneden blijven bij de brandende kaarsjes. Toch maar naar boven. Dagelijks schrijven is ook een deal, zelfs als je even geen zin hebt.

Ik lees een boek van Aharon Appelfeld die in 1932 geboren werd in een verlicht geassimileerd joods gezin in de Oekraïne. Hij is acht als de Jodenvervolging ernst wordt. Zijn moeder wordt vermoord. Met zijn vader verdwijnt hij in het getto en later het concentratiekamp. Hij ontsnapt en zwerft in een levensgevaarlijke en taal vreemde omgeving, tussen Oekraïense rovers en partizanen. Hij leert Russisch in het Rode leger. Na veel omzwervingen komt hij in 1946 als veertien jarige in Israël terecht, waar hij een nieuw bestaan opbouwt. Nu leert hij Jiddisch en Hebreeuws, de talen van het Europese getto en van de wedergeboorte. Hij wordt professor in de Hebreeuwse literatuur en vooraanstaand vertegenwoordiger van de moderne Hebreeuwse letteren. Zijn moedertaal het Duits is hier de taal van de vijand. Hebreeuws wordt zijn tweede moedertaal en de taal van zijn meer dan veertig boeken.

Ergens zegt hij: Wie in het getto, het kamp en de bossen is geweest, kent het zwijgen vanuit zijn lichaam. De oorlog is een broeikas van luisteren en zwijgen. In zijn boeken staat geen woord te veel. Elke zin lijkt gewonnen op het zwijgen. Een zin staat er nooit zo maar. De spanning tussen waarneming en woord, tussen lichaam en denken, tussen herinnering en reconstructie maken zijn proza indrukwekkend. Het zijn literaire pareltjes. En al woont hij in Israël, niet de actualiteit van het land of de regio is zijn onderwerp. Zijn bron is steeds weer de morele woestijn die Europa toen was. Over de holocaust schrijft hij nergens. Hij schrijf over hoe het er voor én er na was. Hij schrijft over een Europa dat niet meer bestaat; over wat er niet mocht zijn. Appelfeld kan het verleden niet wissen en zijn grootouders in de Karpaten niet vergeten. Zijn boek Plotseling, liefde is ook de strijd tegen zijn ouders die stom geslagen zijn door het leven. Hoeveel veerkracht heeft een mens? Wat is de zin van geweld? Maar ook de kracht van liefde die toegang geeft tot een reservoir van herinneringen die er niet mochten zijn.

Erica Plomp-den Uyl

27/1 Grote stenen

Op een dag werd een oude wijze gevraagd een lezing te geven over goed omgaan met tijd. Zij zei: laten we beginnen met een experiment. Vanonder de tafel pakte zij een glazen pot en zette die behoedzaam voor zich neer. Daarna nam ze twaalf grote stenen die zij voorzichtig in de pot legde. Toen die gevuld was, richtte zij haar blik langzaam naar het publiek en vroeg: Is deze pot vol? Ieder zei: ja, er kan geen steen meer bij.

De wijze bukte zich opnieuw en nam een pot met kleine kiezelsteentjes. Zij goot ze over de stenen. De kiezeltjes vielen tussen de stenen tot op de bodem van de pot. Zij goot steentjes tot aan de bovenrand. Opnieuw vroeg de wijze: Is deze pot vol? Haar toehoorders begrepen haar opzet en een van hen zei: waarschijnlijk niet. Daarop haalde de wijze van onder de tafel een zak met zand, die zij aandachtig in de grote pot goot. Het zand vulde de plaats tussen de grote stenen en de kiezelsteentjes.

En opnieuw vroeg de wijze: is deze pot vol? Eensgezind schudde haar publiek het hoofd. Goed, zei zij, en alsof iedereen het verwachtte, nam zij een kan met water en vulde de pot tot de rand. Daarop richtte de wijze zich weer tot de groep en vroeg: Welke waarheid toont dit experiment ons?
De moedigste antwoordde: Het laat zien dat onze agenda nooit zo gevuld is als we denken en dat als we echt willen er altijd wat tijd is voor meer afspraken en activiteiten. Nee, antwoordde de wijze, daarover gaat het juist niet. De waarheid die in dit experiment schuilt, is dit: als je niet eerst de grote stenen in de pot doet, krijg je ze er achteraf nooit meer in.

Wat zijn de grote stenen van jouw leven: je gezin, je familie, je dromen, je gezondheid, je werk? Als je enkel belang hecht aan het zand en de kiezelsteentjes, zullen zij alle plaats in beslag nemen en blijft er geen tijd meer over voor de belangrijke dingen in het leven. Vergeet niet jezelf de vraag te stellen wat vandaag de belangrijkste stenen zijn en zorg ervoor dat je die eerst in de pot stopt! Weg gaan er 23 cd’s in de doos.

Erica Plomp-den Uyl

26/1 hemel

Regelmatig luister ik naar wat dertiger de wereld te vertellen hebben. Hun liederen zijn verfrissend. Daar geniet ik van en het geeft me een optimistisch gevoel. Rapper Typhoon heeft een liedje geschreven dat Wanneer de hemel valt heet. God is in zijn liedje een vrouw. God is de creërende energie, het bewustzijn, datgene dat leven voortbrengt. Hij refereert naar de vrouw, omdat alleen zij leven kan baren. Een paar regels uit zijn lied:

Als de hemel valt, de hemel faalt
De druk op God wordt groter en ze draagt het allemaal
Maar als de hemel valt,
Zullen we het samen moeten dragen en kunnen zij en Allah samen even weg.

De kunst is God niet in één waarheid samen te vatten. Voorbij het punt van lezen is er de kunst van leven. Wij kunnen het leven een enorme push geven door het leven lichter te maken. Ik houd van zijn humor; God die met Allah op vakantie gaat, kuuroordje erbij, komkommertjes op d’r ogen. Ze hoeven zich geen zorgen te maken, want wij zorgen er wel voor dat de hemel in tact blijft hier op aarde.

Het is aan ons of we falen of er wat van maken. De hemel laat je niet uit je vingers glippen, denk ik dan. Hoogtijd dat wij de watjes van onze ogen te halen en eens goed kijken naar al dat moois dat rondhuppelt op die aarde. Weer een beetje verliefd worden op je medemens en jezelf. Je eigen waarheid niet te serieus nemen en je laten verwonderen over die veelkleurige samenleving. De Nederlandse identiteit is bont boeket kleurrijke bloemen in een open vaas. Geniet ervan.
Nu denk je natuurlijk dat vandaag alle kleine enge bekrompen vaasjes weggaan. Is ook zo. Er gaan er 2 in de doos, aangevuld met 20 kleine quiche vormpjes. Voortaan maak ik één grote en snijd die in stukken, scheelt een boel afwas en wel net zo gezellig. De tijd van ieder voor zich, ligt achter ons.

Erica Plomp-den Uyl